Bettie Van Veen groeide op in een typische tuindersfamilie in het gehucht Veur. Met op de achtergrond steeds weer de verhalen over de tuin van haar grootvader, het Paradijs. Iedereen kende elkaar in de dichte agrarische gemeenschap en wist waar hij of zij vandaan kwam. Velen onder hen bewerkten dezelfde grond die hun grootouders ooit hadden bewerkt.
Als haar middelste broer sterft, besluit
Bettie haar familieverhaal neer te schrijven. Bij het leegruimen van zijn flat
kwam ze allerlei documenten tegen die een licht werpen op zijn privéleven en op
zijn leven als tuinder. Johans dood bracht haar in contact met mensen waarvan
de achternamen haar bekend voorkwamen: nazaten van haar ooms en tantes die ze
zich herinnerde als de kleine, oude mensen met ronde brilletjes, die op de
verjaardag van haar ouders op bezoek kwamen. Via interviews en onderzoek komt
Bettie meer te weten over haar familie en over het tuindersleven in de 20ste
eeuw. Tegelijkertijd schetst ze een duidelijk beeld van de belangrijkste
veranderingen in de agrarische sector: de mechanisatie, arbeiders die voor hun
rechten opkomen, de digitalisering en de schaalvergroting.
Dat is een
Van Veen, dat kun je wel zien is een
waardevol tijdsdocument over een hechte familie.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten